GILDE SINT SEBASTIAAN
© 2015 Gilde Sint Sebastiaan Oirschot

De Caert van Gilde Sint Sebastiaan Oirschot uit 2003

Onze Caert is op 5 juli 1979 bij notariële acte, in de toen wettelijk voorgeschreven formulering aangepast, met behoud van de oude tradities. Het gilde is daarna als vereniging bij de Kamer van Koophandel ingeschreven. Op 13 mei 2003 is de tekst van de Caert uit 1979 opnieuw tegen het licht gehouden, op punten aangepast, en bij de notaris gepasseerd. Hier volgt de volledige tekst van onze huidige Caert. "Heden, dertien mei tweeduizend drie, verschenen voor mij, mr. Petrus Canisius Bobola Maria Wedemeijer, notaris te Oirschot: 1. de heer ANTONIUS MARIA CORNELIS VAN OVERDIJK, wonende te 5688 KE Oirschot, Spoordonkseweg 96, geboren te Oirschot op zeventien mei negentienhonderd tweeënveertig, houder van een paspoort met nummer N91294514, geldig tot zeventien augustus tweeduizend vier, gehuwd met mevrouw Maria Hendrica Wilhelmina van Hout; 2. De heer DIRK JOSEPH HAGEMEIJER, wonende te 5688 BE Oirschot, Nieuwstraat 26, geboren te Oirschot op twee mei negentienhonderd zesenvijftig, houder van een paspoort met nummer N91294738, geldig tot vierentwintig augustus tweeduizend vier, ongehuwd; ten dezen handelend in hun hoedanigheid van hoofdman respectievelijk rentmeester van de vereniging "Gilde Sint Sebastiaan", gevestigd te Oirschot, kantoorhoudende te 5688 BE Oirschot, Nieuwstraat 26, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor Oost-Brabant onder dossiernummer 40258639, en als zodanig deze vereniging ingevolge het bepaalde in artikel 12 harer statuten ten dezen rechtsgeldig vertegenwoordigend, hierna te noemen "de vereniging". De comparanten, handelend als gemeld, gaven vooraf te kennen: - bij akte op vijf juli negentienhonderd negenenzeventig voor de destijds te     Oirschot standplaats hebbende notaris mr. P.W.J.M. Peters verleden, werden de statuten van de vereniging laatstelijk geheel gewijzigd en opnieuw vastgelegd; - de algemene ledenvergadering heeft met inachtneming van de wettelijke en statutaire bepalingen op 4 februari 2003 op rechtsgeldige wijze besloten de statuten van de vereniging partieel te wijzigen, waarvan blijkt uit een uittreksel     van de notulen van een algemene ledenvergadering de dato 4 februari 2003, waarvan een gewaarmerkt exemplaar aan deze akte wordt gehecht. Ter uitvoering van voormeld besluit verklaarden de comparanten, handelend als gemeld, dat de statuten van de vereniging met ingang van heden, luiden als volgt: BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 1  1. De vereniging wordt in deze statuten ook gilde genoemd. Het bestuur wordt ook overheid genoemd. Het huishoudelijke reglement wordt ook reglement genoemd. Deze statuten worden ook Caert genoemd. Werkend lid wordt ook genoemd gildenbroeder. Voorzitter wordt ook genoemd hoofdman. Secretaris wordt ook genoemd rentmeester. Ontzetting uit het lidmaatschap wordt ook genoemd uitzetting. 2. De patroonsdag, ook wel genoemd Sint Sebastiaansdag, Vierdag of Teerdag, is de traditionele feestdag welke door gilde Sint Sebastiaan jaarlijks in ere wordt gehouden op de derde maandag van de maand januari. Het Koningschieten geschiedt traditioneel op de dinsdag oftewel Schietensdag waarop tevens de najaarskermis in Oirschot wordt gevierd, en waarop gedurende alle even jaren door gilde Sint Sebastiaan in de eigen gildentuin wordt geschoten om de titel koning. Het Prijsschieten geschiedt traditioneel op de dinsdag oftewel Schietensdag waarop tevens de najaarskermis in Oirschot wordt gevierd, en waarop gedurende alle oneven jaren door gilde Sint Sebastiaan in de eigen gildentuin, wordt geschoten om prijzen in natura. NAAM, OPRICHTINGSDATUM EN ZETEL  Artikel 2 1. De vereniging is genaamd "Gilde Sint Sebastiaan", ook wel genaamd "Het Sint Sebastiaans Gilde", en is van oorsprong een handboogschutterij, van achttienhonderd negenennegentig tot negentienhonderd dertig een gewerengilde en sindsdien een kruisbooggilde. 2. Het gilde is oorspronkelijk opgericht vóór acht augustus vijftienhonderd eenendertig. 3. Het gilde is gevestigd te Oirschot. DOEL Artikel 3 Het gilde stelt zich ten doel: a. om door eervol voortbestaan de oude tradities van de voorouders te handhaven, voorzover deze met de tegenwoordige tijdsomstandigheden in overeenstemming te brengen zijn; b. om gezamenlijk en eensgezind de onderlinge vriendschappelijke verhouding tot de Oirschotse gemeenschap te bevorderen en te doen behouden en mede te werken aan de belangen van de Christelijke godsdienst en de belangen van de Nederlandse maatschappij; c. om de edele kruisboog in geneugten te hanteren en door oefening bij Koning- en Prijsschieten een goede schotvaardigheid aan te kweken en te behouden. MIDDELEN Artikel 4  Het Gilde tracht dit doel te bereiken door trouwe naleving van de Caert en het reglement, welke volgens de oude gildengebruiken zijn samengesteld naar de normen van deze tijd. LIDMAATSCHAP  Artikel 5 1. Het gilde kent:       a. werkende leden;       b. ereleden;       c. aspiranten;       d. vrienden. 2. Werkende leden zijn natuurlijke personen, die bij de aanvang van het gildenjaar de achttienjarige leeftijd hebben bereikt, die door de overheid in de ledenvergadering zijn voorgedragen, zijn aangenomen door die vergadering en die op de eerstvolgende vergadering het gestelde inleggeld hebben voldaan. 3. Ereleden zijn natuurlijke personen die, of door hun jarenlange lidmaatschap, of door bijzondere verdiensten jegens het gilde, of door beide, door de algemene vergadering, op voordracht van de overheid, als zodanig zijn benoemd. Hun benoeming zal worden bekrachtigd met een heildronk. Zij zijn vrijgesteld van de verplichting tot betaling van contributie en boeten. Zij mogen alle bijeenkomsten bijwonen, voorzover in het reglement bepaald. 4. Aspiranten zijn natuurlijke personen die bij de aanvang van het gildenjaar de achttienjarige leeftijd nog niet hebben bereikt en door de ledenvergadering als zodanig zijn toegelaten. Zij zijn vrijgesteld van de verplichting tot betaling van contributie en boeten. Zij mogen, voorzover in het reglement bepaald, alle bijeenkomsten bijwonen, maar hebben geen stemrecht. 5. Waar in deze statuten wordt gesproken over leden wordt daaronder verstaan zowel werkende leden als ereleden, tenzij het tegendeel uitdrukkelijk blijkt. 6. Ieder werkend lid en erelid dat de presentielijst heeft getekend heeft een stem. 7. Vrienden van het gilde zijn natuurlijke personen die door bijzondere verdiensten jegens het gilde door de algemene vergadering, op voordracht van de overheid, als zodanig zijn benoemd. Alhoewel zij geen lid zijn van het gilde, mogen zij bijeenkomsten van het gilde bijwonen, voorzover in het reglement bepaald. Artikel 6 1. Alleen op Sint Sebastiaansdag kunnen nieuwe leden worden geïnstalleerd. De procedure rondom de installatie is in het reglement beschreven. 2. Om als lid in aanmerking te komen moet men van eerlijk en onbesproken gedrag zijn. 3. Elk nieuw lid zal zich bij de rentmeester moeten melden, die de kandidaat op de    overhedenvergadering voorstelt. De procedurele vereisten welke zijn verbonden met voornoemde melding zijn in het reglement beschreven. 4. Na goedkeuring door de overheid wordt door de ledenvergadering over de kandidaat gestemd. Bij goedkeuring door de ledenvergadering wordt de kandidaat ingeschreven als lid. Indien de kandidaat op de overhedenvergadering niet is goedgekeurd, kan hij bij de daaropvolgende ledenvergadering in beroep gaan. 5. Elk nieuw gildenlid is verplicht tijdens zijn installatie in handen van de hoofdman te beloven om alle bepalingen van deze Caert en het reglement, waarvan hij heeft kennis genomen, te onderhouden en te volbrengen, zoals de voorouders deze belofte deden in handen hunner overheden. 6. Het vorenstaande geldt eveneens voor aspiranten, met als beperking dat aspiranten na goedkeuring door de ledenvergadering niet als lid worden ingeschreven en niet overgaan tot de eedsaflegging. Artikel 7 1. Het lidmaatschap of aspirantschap eindigt door:           a.   het overlijden van het lid of de aspirant;           b.   opzegging door het lid of de aspirant;           c.   opzegging namens het gilde;           d.   uitzetting of ontzetting. 2. Opzegging van het lidmaatschap of aspirantschap door het lid of de aspirant kan te allen tijde geschieden. De opzegging dient schriftelijk plaats te hebben bij de rentmeester. Alle achterstallige en lopende kosten, boeten en contributies tot aan de dag van opzegging zijn alsdan onmiddellijk opeisbaar; alle in bruikleen gegeven gildeneigendommen dienen alsdan te worden teruggegeven. 3. Opzegging namens het gilde kan plaats vinden:           a.   indien een lid of aspirant niet aan zijn betalingsverplichtingen voldoet;           b.   indien een lid of aspirant zich schuldig maakt aan wangedrag of onverdraagzaamheid;           c.   wanneer een lid of aspirant zich schuldig maakt aan ongeregeldheden van welke aard ook,       die het gilde tot aanstoot zijn of het gilde tot oneer of tot last strekken;           d.  De opzegging geschiedt door de overheid, die de betrokkene ten spoedigste van het besluit      met opgave van reden(en) in kennis stelt. De betrokkene is bevoegd binnen een maand na               ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering. Het      beroep moet schriftelijk bij de rentmeester worden ingediend. Gedurende de       beroepstermijn en hangende het beroep is de betrokkene geschorst.  4. Uitzetting uit het lidmaatschap casu quo aspirantschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid of een aspirant in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van het gilde handelt of het gilde op onredelijke wijze benadeelt. De procedure zoals beschreven onder voornoemd lid 3b is ook op uitzetting van toepassing. Doorklikken naar de volgende pagina
CAERT