DE CAERT (1)
De
statuten van het gilde zijn te vinden in de Caert. De oudst bewaard
gebleven Caert van het Sint Sebastiaansgilde Oirschot dateert van 9
augustus 1531. Dit document
van 5 pagina's bevindt zich in het Rijksarchief onder nummer R.131 Oirschot Folio
69-70-71. De Caert is op 5 juli 1979 bij notariële acte in de toen
wettelijk voorgeschreven formulering aangepast met behoud van de oude
tradities. Het gilde is toen als vereniging bij de Kamer van Koophandel
ingeschreven. Op 13 mei 2003 is de tekst opnieuw tegen het licht gehouden, op
punten aangepast en bij de notaris gepasseerd.
Hier volgt een transcriptie van de oude Caert van Gilde Sint Sebastiaan
Oirschot uit 1531.
“LXIX
Allen ende eenen iegelijcken etc., saluijt /. Doen kondt, certificerende
dat voire Marcelis Walravens, stadthelder des scouthets van Kempelant,
inden naem ende vanweegen
der K.M. ende hoicheyt ende Adriaenen Vos, scouthet vanweegen ons
heeren, heere van Pieterschem, Diepenbeeckenen ende voir ons Scepenen
vorscreven zijn gecompareert ende verschenen: eensdeels goeder mannen,
beyde audt ende jonck van jaeren wesende, affectie ende liefd draigende
totten edelen hantboege, hebbende met volcomen wil ende consente vanden
Heeren voirscreven gemaict, geordineert, oick vermaict ende vernyeut
een minlijcke geselscap ende scutterije ter eeren Goidts, Marien zijnder
liever gebenedider moder, ende zunderlinge ter eeren vanden heyligen
ridder Goidts ende martelair Sunte Sebastiaen, omme den edelen hantboege
in genuechten te hanteren.
Gelovende aen handen der heeren vorscreven ende aen
malcanders handen op honnen persoen, honne gueden present ende
toecomende, vast ende stendlich te hauden, nae te
gaen ende metten werck
te volbrengen allen dese punten ende articulen hiernae volgende.
Inden
yrsten is geordineert, dat alle scutteren opten dach als zij haeren
papegaey scieten zullen, verbonden zullen zijn met honnen scutterlijcken
boege te commen onder die molen, omme statelijck met honnen coninck te
gaen te love, nae auder gewoenten, opten peene van twe stuveren tot
behoef der scutterijen.
Ten anderden is noch geordineert, dat soo wie die papegaay
affsciet, die sal dat geheel jaire met zijnder coninginnen los ende vrij
zijn van allen teringe dewelc die scutteren dat jaer bijeen doen zullen,
mer dies sal die coninck verbonden zijn aenden zilveren voegel eenen
zilveren schilt te hangen, werdt wesende ses stuver, ende den zilveren
voegel ten zelve daige moten verborgen, zij rijck of arm.
Ten derderen is geordineert, dat alle scutteren verbonden
zullen zijn, opten Heyligen-Sacramentsdach zonder boege, op onsen
kermisdach
elck met zijnen scutterlijcken boege ende scutterlijcken tabbart te
comene statelijck in die processie, mede omme te gaen ende metten
coninck statelijck te offeren voer dat eerwerdige Heylige Sacrament,
zoeverre zij binnen Oerschot zijn, opten pene van twe s.... tot
behoef...., butengesceyden priesteren
ende geestelijcke personen die in
den choere ende kercken moeten weesen, dairinne nyet verbonden en
zullen weesen, mer zullen nochtans mede offeren.
Ten vierden is geordineert, dat elck schut alle vier jaeren
eens eenen tabbart maecken sal van eender verwen gelijc dat bij coninck,
hootman, dekens ende meestendeel van den scutteren tsanderendaigs nae
den schietdach geordineert sal wordden, vuytgenomen dat men gheen wit,
roet, geel of blaeu verwen nemen en sal; welcken tabbart elck schut
sculdich sal zijn te hebben opten irsten onsen kermisdach in die
processie, opten peen van X stuveren tot behoef als voir; welcken
tabbart elck scut sculdich sal zijn aen te hebben opten
Heyligen-Sacramentsdach, op onsen kermisdach in die processie, op
Sunte-Sebastiaensdach in der missen, ende op alle guldebruders
vuytvaerden in der missen omme mede te offeren, ende op alle ander
statiedaigen dat die scutteren bijeen comen telcker reysen opten peen
van II st tot behoef als voir, zoeverre die scutters binnen der vriheyt
van Oerschot zijn ende anders nyet.
Ten vijften is geordineert, dat elck scutter verbonden sal
zijn te hebben op zijnen mouwe een zilver ten minsten werdt wesende
VII stuver, mer wel van meerder valore, uuytgesceyden priesteren,
welck zilver van VII st of VII stuveren dairvoir nae aflivicheyt van
elcken gildebrueder of scutter blijven sal tot behoef van
Sunte-Sebastiaen, wairvoer die dekens van der scutterijen in tijde
wesende sculdich sullen zijn voer die ziele vanden aflivigen te doen
singen een misse van requiem ende tzelve bij den parochiaenen te doen
kundigen opten preeckstoel, tot welcker missen verbonden zullen zijn
te comen alle scutteren met honnen scutterlijcken tabbart omme te bidden
ende offeren voer die ziele, soeverre zij binnen der vriheyt van
Oerschot zijn opten peenen van twe st tot behoef als voir
SunteSebastiaen.
Ten
sesten is geordineert dat alle scutteren verbonden sullen zijn, opten
dach dat zij honnen papegaey schieten, zullen, tsavonts, tsanderendaigs
snonens, opten Heyligen-Sacramentsdach snonens, op Sunte-Sebastiaensdach
snonens, ende als die aude scutten scencken tsavonts, te compareeren te
maeltijen of iemanden anders in zijne plaetse te seynden; ende weer zij
compareren of nyet en compareeren, zullen nochtans sculdich zijn te
betalen alle costen, montcosten ende ander, soe wel ende soe vele als
dieghene die dair present ende tegenwoirdich geweest hebben, mitgaeders
oick die schenckinge die men doet nae auder gewoenten den auden
schutten.
LXX
Ten soevenden is geordineert, dat men opten dach alsmen die papegaey
schiet, tsavonts
nyet meer verdrincken en sal dan een mengelen wijns in
der herbergen daer men teert ende anders nergens.
Ten achsten is geordineert, dat men alle costen in der herbergen ten
achter staende, alle costen die men doet in 't schencken vanden auden
schutten ende als zij wederom ons scencken, die men doet buten of binnen
Oerschot op juwelen, betalen ende geheelijck op betalen sal
tsanderendaigs nae den schietdach.
Ten IXen is geordineert, dat soe wie in dese scutterije comen wil, die
sal moten hebben die goede gonste ende favoir van den coninck, hootman,
dekenen ende sommige scutteren ende anders nyet, ende men sal nyemonden
in die gulde of scutterijen moigen ontfangen dan alleenlijck opten
scietdach ende Sunte-Sebastiaensdach, van den innegaen te geven tot
behoef van Sunte-Sebastiaen drie stuijvers. Daerinne ontfangen ende
gescreven wesende ende naederhant dairuuyt belieft te gaen, sal
verbonden weesen te geven tot behoef van Sunte-Sebastiaen ½ aud schilt,
ende alleenlijck uuijt te moigen ghaen op Sunte-Sebastiaensdach,
betalende voir ende eer alle voirgedaen costen.
Ten Xten is geordineert, dat men allen jaer nyeuwe dekens setten ende
kies en sal op Sunte-Sebastiaensdach vroech voir der nonen, ende alsdan
sullen die aude dekens, oick die was meester, verbonden zijn honne
rekeninge te doen van honnen ontfanck ende uuytgeven dat jaer van der
schutterijen weegen gedaen, opten peenen vande elcken een Bosch' pont
tot behoef der scutterijen.
Ten XIsten is geordineert: soe wie met eens anders geschut of boute
opwaerts nae der papegayen schiet, sal verbueren ½ st. tot behoef der
scutterijen.
Ten XIIsten is geordineert, dat coninck, hootman metten dekenen allen
jaer terstont nae
den hoegetijt van Paeschen ordineren zullen dat men
alle sondaigen ende alle vier dagen die huelen schieten sal omme den
edelen hantboege in genuechten te leeren hanteren, op sulcken conditiën,
penen ende bruecken als bij hon daertoe gestatueert sallen wordden,
welcke conditiën allen die scutteren sculdich zullen zijn te
onderhauden ende nae te gaen.
Ten XIIIen is geordineert, dat soe wanneer dese onse scutterije van
ennigen steden, vriheyden of dorpen bescreven wordt op ennige juwelen,
'tzij te hals, ter erden ofte ter locht, dat alsdan coninck, hootman
ende dekens met eens deels van den scutteren bij hon ropen ende
ordineren zullen drie ofte viere van den besten scutten, dair nutste
ende bequaemste toe wesende, om te trecken op dat juwele te scieten, tot
welcker reysen ende costen te hulpe dewelc die drie ofte vier scutters
doen zullen, elck scutter sculdich sal zijn te geven, soeverre zij
blijven binnen der Meyerijen van Den Bosch eenen stuver, ende indyen zij
buten der Meyerijen reysen 1½ st., ende dies zullen die juwelen dewelc
zij winnen zullen, wesen tot behoef van den gemeynen scutteren.
Ten XIIIIen is geordineert, dat die dekenen in tijde wesende sculdich
sullen zijn, alle kueren ende bruecken ende ombetaelde montcosten, aen
de wert ombetaelt staende, op te beuren, of doen executeren die
onwilligen, goetstijts eer zij hon rekeninge doen moten, ende ingevalle
dieselve dekenen dairinne negligent bevonden wordden ende nyet en
ernsten, sullen sculdich zijn die costen te verleggen ende aen den wert
te betalen, ende die ander penen ende bruecken onder die scutterije te
brengen ende oick te verleggen, ende voerts op die gebreeckelijcke te
moigen vervolgen, voir welcke moet ende diligentie die dekenen elck
allen jaer hebben sal een par hantschoen met eenen leeren riem, wert
wesende drie st, of luttel min of meer daer nae zij nerstich zijn.
Ten XVen is geordineert, dat allen die scutteren die nae datum van dezen
in dezer scutterijen comen zullen, verbonden sullen zijn voer coninck,
hootman, deken ende sommigen scutteren te geloven dese articulen van
dezen brieve te onderhauden, ende sullen alsdan verbonden zijn allen
deze punten ende articulen in deze brieve gespecificeert, nae te gaen
ende te volbrengen, opte peenen als voir, ende sal voir alsulcx gehauden
zijn in alder vuegen, maten ende manieren, of zij huyden
tegenwoirdichlijcken zelve in persoen die geloeft voir die heeren ende
scepen gedaen hedden.
Ten XVIen is geordineert: of 't gebuerden datter ennigen twist, discorde
of gevecht gescieden tusschen ennige scutteren als zij op statedaigen of
opdie joelen vergadert waeren, dat zij verbonden sullen zijn dyen twist
te geven in handen van den Coninck, twe dekens ende twe van den gemeynen
scutteren, die elck van den partijen dair toe nemen zullen, ende soe wes
die dairaf uuytspreecken, verbonden zijn nae te gaen, te voldoen ende te
onderhauden, op die verbuerte die des weygerden ende nyet volgen en
woude van twe pont was, half tot behoef des Heeren ende d'ander helft
tot behoef der scutterijen.
CXXI
Welcke alle voirgescreven costen, penen, boten ende bruecken die
scutters ende overtreders verbonden zullen zijn te betalen als verreycte,
verwonnen schuIt, zonder vonnis ter Heerlijcker executie gestelt te
worddene als voer gewijsden saecken, of zij met allen solempniteyten van
recht verwonnen weeren daertegen nyemant dagh en recht en sal moigen
obtineeren hij en sal voir ende eer hant willighe ende namptisatie doen
dairinne allen die scutteren hon overgegeven hebben ende aen der
heeren handen verloeft hebben ende overgeven midts dezen, behaudelijck
altijt den heeren hon heerlicheyt ende eenen iegelijcken zijnen goeden
rechte. Actum anno XXXIo, IXa augusti.
Testes: Laeck; Ardt Henrickss.”