Deze pagina wordt gaandeweg  ingevuld. Kom regelmatig kijken.

TRADITIES

“De enige manier om tradities levensvatbaar te houden, is door ze opnieuw te ontdekken”

Algemeen
Binnen het gilde staat broederschap centraal. Dit is omgeven door een waaier van tradities, ceremonies en rituelen. Dat de tradities, ceremonies en rituelen van de Brabantse schuttersgilden maatschappelijke betekenis hebben, is onderkend. Ze zijn daarom in 2013 aangemerkt als immaterieel cultureel erfgoed.

Belangrijke tradities en hun functie
Een traditie is een gewoonte of gebruik die van de ene op de volgende generatie overgaat. Binnen schuttersgilden leven heel oude tradities. Er is een aantal tradities die alle schuttersgilden levensvatbaar houden. De rituele en ceremoniële invulling verschilt echter per gilde. De volgende 5 tradities zijn bij deze gilden terug te vinden:
Koningschieten met de functie om via een wedstrijd de positie in te vullen van hoofd van de schutters.
Patroons- of teerdag met de functie het geven van eerbetoon aan de patroonheilige; voor ons gilde is dat Sint Sebastiaan.
Begraven met gildeneer met de functie het waardig afscheid nemen van een medebroeder.
VENDELEN met de functie het aangeven van de plaats waar de leiding is; anno nu is de functie vooral het geven van eerbetoon aan kerkelijk en wereldlijk gezag.
TAMBOEREN met de functie het communiceren tussen leiding en de groep en ordehouden; heden ten dage met name het begeleiden en aankondigen van het gilde.

Ons “uniform”, het gildepak

Naast de bovenstaande tradities die alle schuttersgilden kennen, heeft elk gilde ook hele eigen tradities. Eentje daarvan betreft de kleding.
Vanaf 1973 dragen de leden van Sint Sebastiaan allemaal dezelfde kleding bij bepaalde gelegenheden. In onze Caert staat wat deze kleding, het zogenaamde gildepak, ook wel ‘vol ornaat’ genoemd, is. In de Caert staat een aantal gelegenheden  waarbij het dragen van het gildepak verplicht is. Het gildepak, vol ornaat is:

• Jacquet bestaande uit een lange zwarte jas met rond weggesneden voorpanden en een gestreepte broek (grijs/zwart) zonder omslag
• Wit overhemd
• Gildestropdas beschikbaar gesteld door het gilde
• Zwart vest (gillet)
Hoge zwarte hoed
• Zwarte (bij voorkeur gladde) schoenen
• Grijze kousen
• Sjerp beschikbaar gesteld door het gilde, gedragen over de rechterschouder
Bij koud weer kan over het gildepak een zwarte of donkere jas wordt gedragen en bij regen is een zwarte paraplu toegestaan. Voor sommige leden met een speciale functie (bijvoorbeeld tamboer, vendelier) gelden afwijkende kledingbepalingen. Sjerp en gildestropdas zijn eigendom van het gilde en dienen bij beëindiging van het lidmaatschap teruggegeven worden aan de rentmeester.

Voorgeschreven gelegenheden waarop we in het gildepak gaan, zijn: teerdag, koning- of kermisschieten, gildefeest, begrafenis van een lid van ons gilde.

Meer weten over de (historische) achtergrond van en hoe het gekomen is dat het dragen van het jacquet een van onze tradities is, klik op: Vol ornaat